28-10-01
Harry Mulisch is geen Griek
En wat te denken van De Ontdekking van de Hemel? Na zijn succesvolle regiedebuut Left Luggage heeft Jeroen Krabbé zich aan het definitieve Mulisch-universum gewaagd. Een bolwerk (met recht een magnum opus met dieptepunt dat hoogtepunt is) van filosofie, oudheid en bovenal de truttige brei waarin zielige paradoxen en infantiel kosmisch gezever uitstekend gedijen. Mulisch is Mulisch - en Homerus-adept - Krabbé moet het geweten hebben.
Henny Vrienten - hij tekende voor de filmmuziek - zei anderhalf jaar terug al dat hij het script beter te lezen vond dan het boek. Hoewel men op dat moment nog geen seconde op film had, heeft hij gelijk gekregen. Het overbodige filosoferen van de personages zoals Mulisch ze neerzet steekt pas echt in de afwezigheid ervan gedurende de film. Een subtiliteit van aanduiding door iets niet aan te duiden. Je moet er maar opkomen.
Meer dan een als spannend aandoende vertelling, een gesublimeerd jongensavontuur, is de roman van Mulisch feitelijk niet. The Discovery of Heaven ziet dit in en maakt er feilloos gebruik van door de - als eerder gezegde - lariekoek van Mulisch grotendeels aan de kant te schuiven. Een film die geen moeite heeft te zijn wat hij is. Wel zo prettig.
God heeft het gehad met de mensheid en zoekt een uitverkorene om Hem de stenen tafelen met daarop de Tien Geboden (uit Het Ark des Verbonds) terug te bezorgen waarna diezelfde mensheid aan zijn lot zal worden overgelaten. Via een intense vriendschap tussen Onno Quist - geniaal taalkundige en gevormd politicus - en Max Delius - sterrenkundige - zal uiteindelijk via een muzikante (Ada Brons) Quinten Quist geboren moeten worden - de Ene. Een predestinatie van jewelste en bovendien een doel dat alle middelen heiligt: met een vingerknip van de engelen (o.a. een rol van Krabbé zelf) wordt Max getroffen door een meteoriet, wordt bij de geliefde van Onno op klaarlichte dag de hals doorgesneden en is Onno zelf politiek dood verklaard als een zwerverachtig bestaan in Rome (waar de stenen tafelen zich bevinden) wenselijk blijkt. Een verhaal dat ergens begint en ergens eindigt en dat geheel naar verwachting doet.
Kortom, de film die het met de plot van het boek te stellen heeft. Je ontleent per slot van rekening geen titel aan een boek om vervolgens een film over veeboeren te vervaardigen. Ik geloof niet dat het verhaal het meest boeiende is ter wereld, mede door de ingewilligde verwachting, aan het einde van de film aangedragen. De uitverkorene wordt gezocht (hier zijn twee wereldoorlogen voor nodig), hij wordt geboren, hij bevroedt een krankzinnig grote opdracht van hogerhand, hij voert de opdracht uit. Einde. Neemt niet weg dat de scenarist (Edwin de Vries) een aantal knappe besluiten heeft genomen om een 900 pagina's tellend boek terug te brengen tot twee uur film zonder afbreuk aan het eigenlijke verhaal te doen.
Wat overblijft is de invulling - een geweldige productie. De keuze voor de achtergrond van de hemel (ga er maar aan staan) is een volledig gelukte, een bouwwerk naar een tekening van Piranesi, een indruk gevend van ja, zo is het, die hemel, of zo kan het zijn. Het hoogtepunt lijkt me zonder twijfel de conceptie van Quinten, de parallel gefilmde vrijpartijen van Onno en Max met Ada die uiteraard niet gelijktijdig plaatsvinden. Wie de vader van Quinten is, blijft vooralsnog in het ongewisse. Een hoogtepunt, mede door deze kunstgreep in het script, de draaiende camerabeweging, de locatiewisseling en de beklemmende achtergrondmuziek. Hoogtepunten worden aangevoeld, niet gecreëerd. Dit is niet waar, maar wel de universele beleving van goede kunst. Verder is Stephen Fry in de rol van Onno indukwekkend goed gecast, een ontroerende intellectueel met aanverwante chaotische neiging. Alsof hij het zelf is, ja: goede kunst, zo namaak mogelijk.
En dus mag Harry Mulisch zijn pijp opeten van geluk nu de makers van The Discovery of Heaven zijn verhaal in een zo positief (mogelijk) daglicht hebben gesteld. Het verhaal gewaarborgd en de onzinnige zaken overboord gekieperd, al mogen de nodige 'toevalligheden' (Mulisch: 'Toeval bestaat niet') - Onno en Max zijn bijvoorbeeld op dezelfde dag verwekt - helaas niet ontbreken. Of anders: gelukkig niet ontbreken - een volksnar als Mulisch is eigenlijk wel prachtig. Misschien een idee voor een volgende film: De ontdekking van Harry Mulisch?
Danny Degenaar
|