Het Midden Oosten onder de duim weten houden

Je duim omhoog steken is een oude Irakese belediging welke zoveel betekent als ‘stop het maar in je kont’. De langzaam voortdenderende Amerikaanse colonne meende het echter te kunnen interpreteren als onvoorwaardelijke steun voor hun inval in 1991, die werd teruggefloten door Pappa Bush. Wrang maar komisch dat zo’n simpel signaal meer impact kan hebben dan welke ‘precisiebom’ook.

Een week terug was ik van plan een essay te publiceren op de Recensent met de voorspelling dat de USA deze oorlog zou gaan verliezen. Het in alle haast geschreven artikel kon echter het kritische oog der redactie niet weerstaan, en dus is die primeur me alweer ontnomen door de werkelijkheid. Niemand zal nu nog van zo’n voorspelling opkijken, hoewel er genoeg mensen zijn die het willen aanvechten.

Dit is niet dezelfde mediaoorlog die 12 jaar geleden onze televisieschermen teisterde. Toentertijd verbood men simpelweg de aanwezigheid van journalisten en kregen we de akelige plaatjes pas te zien toen de oorlog al lang was gewonnen. En de winnaar heeft in de geschiedenisboeken en vooral ook de Amerikaanse media altijd gelijk. Inmiddels heeft NBC journalist Peter Arnett n.a.v. zijn commentaar aan de Iraakse TV zijn milde kritiek al met ontslag moeten bekopen. Het patriotisme, volgens Nietzsche ‘voer voor achterlijke runderen’, viert hoogtij als nooit tevoren.

Het Pentagon meende dit keer dat bezien de groeiende populariteit van Arabische mediastations en het internet zo’n totale mediastop niet te bewerkstelligen was, en dus verzonnen ze het idee van de ‘embeded reporters’ die met de Amerikaanse troepen aan het front meereizen met digitale camera’s om verslag te doen van de grote triomftocht. Het Pentagon zag alle Irakezen al op voorhand met de duim omhoog langs de weg staan.

Alleen al uit het feit dat we niet bijzonder veel horen van die ‘embeded reporters’ kan worden afgeleid dat wat die reporters dan ook te zien krijgen niet al te geschikt wordt geacht voor de Amerikaanse televisie, en dat betekent een hoop. De eerste twee dagen van de oorlog kregen we continu plaatjes te zien van voortdenderende tanks in een uitgestrekte woestijn, de ‘snelle opmars naar Baghdad’ Bagdad was begonnen, de ‘cakewalk’ waar Rumsfeld ons zo lang op had weten voorbereiden. Zou het ook echt een cakewalk worden? Het feit dat Bush een verordening heeft aangenomen die behelst dat Amerikaanse militairen ter plaatse zullen worden begraven en er dus geen lijkzakken naar huis worden verscheept voorspelt weinig goeds.

Waarom eigenlijk zo’n overhaaste opmars naar Bagdad? Dat scheen niemand zich af te vragen. Het is immers niet de taak van een journalist om nog vragen te stellen want een kritische journalist verliest in de US al snel zijn baan. Hoe is het in vredesnaam mogelijk dat in het land wat zo graag koketteert met ‘vrijheid van meningsuiting’ alle grote media in handen zijn van een selectief clubje grootindustriëlen die ook hun dikke vingers graag in regeringskringen roeren?

Was het dan werkelijk de opgeheven duim van de Irakees die het Pentagon ervan overtuigde dat ze alles links konden laten liggen en gewoon in één ruk naar Bagdad konden trekken terwijl de Irakezen zich overal gewoon overgaven, blij als ze waren eindelijk van die enge Hoessein te zijn bevrijd? Als dat zo is dan hebben de Amerikanen les 1 in oorlogsvoering niet begrepen: onderschat de vijand nooit.

Wat was ook alweer de reden dat de Amerikanen überhaupt zo’n haast hadden met deze oorlog? Juist, het weer. In april begint de zomer in Irak. De temperatuur loopt snel op, al snel tot zo’n 40 graden in de schaduw. Probeer dan maar eens in vol tenue (inclusief gasmasker tegen ‘hopelijk’ chemische wapens) het marcheren vol te houden. En de eerste klachten van de nachtploegen komen nu al binnen: ze kunnen overdag niet slapen zonder airconditioning.

Het belangrijkste wapen sinds oudsher in een woestijn is water. Je kunt nog zo goed uitgerust zijn, zonder water overleef je de dag niet. 100.000 troepen elke dag van water voorzien is een monsterklus; een achilleshiel welke Hoessein bijzonder goed van pas zal komen. Hoessein’s tactiek is dan ook het vertragen van de opmars tot de zomer in Irak in volle glorie uitbreekt, en april heet van oudsher ‘maand van zandstormen’. Daar gaan je dure spullen. Er is niks zo vernietigend voor hightech equipement als stuifzand. Neem je computer maar eens op een hete, winderige dag mee naar het strand.

Het mag duidelijk zijn dat ik niet erg sympathiek sta tegenover deze zelfverklaarde ‘bevrijdingsoorlog’. Sterker nog, ik meen dat elke veroveringsoorlog uit de geschiedenis zich meestal manifesteerde als ‘bevrijdingsoorlog’ in de logboeken der manipulatieve heersers. Zo moest in Vietnam de bevolking ‘bevrijd’ worden van het communistische juk, moest Hitler Europa ‘bevrijden’ van de greep der Joodse samenzwering, en moesten wij indertijd Indonesië ‘bevrijden’ van een dreigende staatsgreep.

Is Saddam Hoessein dan geen kwaaie pier? Och, natuurlijk wel. Een kwaaie pier die momenteel bijzonder goed van pas lijkt te komen. Hussein is door toedoen van de CIA aan de macht geholpen. De CIA gaf hem in 1963 zelfs 'doodslijsten' van individuen van welke zij vonden dat die dood beter af waren - het waren vooral mensen met communistische sympathieën. Hoessein heeft deze toen netjes allemaal om zeep geholpen. De hele Irakese elite werd door hem met hulp van de CIA gedecimeerd - maar dat kan 40 jaar later zich schijnbaar niemand meer herinneren. En vragen stellen, dat doen we tegenwoordig niet meer.

Irak, van oudsher het speelballetje van grote koloniale machten, zou zonder Saddam Hussein al lang niet meer hebben bestaan. Dat krijg je met drie bevolkingsgroepen die elkaar niet kunnen luchten. De Koerden willen onafhankelijkheid, de Sjiieten willen bij Iran horen en de Baathisten willen de illusie hoog houden. Democratie in Irak? Laat me niet lachen.

Toch is dat het zogenaamde doel van de grootkolonist en politieagent der wereld George Bush. Ben benieuwd hoe hij dat voor elkaar gaat krijgen. Komt er een referendum over een onafhankelijk Koerdistan? Nee: inmiddels is al duidelijk dat Irak na de verovering door de Amerikanen zal worden overgenomen. De regio moet immers eerst ‘stabiliseren’ voor je hem een democratische impuls kunt geven.

Nog niet eens zo heel lang geleden was een politieagent iemand die de orde moest handhaven. Hij werd daarvoor aangestuurd door de machthebbers, die weer gecontroleerd werden door de juristen. De bushiaanse politieagent is echter een agent die tegelijkertijd ook machthebber en controleur is, en die zijn vingers overduidelijk niet uit de collectebus in de kerk kan houden. Een agent die vind dat als de staat ‘niet voor hem is, zij tegen hem is’. Het wordt nog wat in de wereld onder leiding van deze dolle, corrupte agent.

Ik ga het niet eens meer over de olie hebben. Dat die op aan het raken is wisten we dertig jaar geleden al. Dat er een tijd zou ontstaan waarin een supermacht grossiert in eufemismen als ‘colleteral damage’ als ze in feite ‘slachtoffers’ willen zeggen is tot daaraan toe – de gevoelige bankaardappels in de States moeten immers geen kramp van het zappen krijgen – maar dat ze zo’n zelfde eufemisme ook daadwerkelijk als uitgangspunt voor hun strategie nemen is te lachwekkend om niet even de revue te laten passeren.

De hele oorlog hangt van eufemismen aan elkaar. Ze hebben inmiddels vijf (!) verschillende landen weten raken met hun ‘precisiebommen’. Vroeger gooide je zo’n bom gewoon naar beneden en deed de zwaartekracht zijn werk. En die zwaartekracht blijkt vooralsnog betrouwbaarder dan welke ‘hightech solution’ dan ook. Is dat vreemd? Lijkt me niet. Een ouderwetse telefoon hapert ook veel minder dan zo’n idioot mobieltje. Ik heb dus toch nog een romantische invalshoek weten vinden om als rechtgeaarde apologist deze oorlog een mooie draai te geven: het wordt een oorlog waarin de simpele natuurkrachten het moeten opnemen tegen het managerscultuurtje van het overgecompliceerde westerse snufjesdenken.

En al die superieure snufjes blijken tot dusver niet echt opgewassen tegen de inventiviteit van de mensen die hun land aan een badinerende hypocriete invaller dreigen verliezen. Gelukkig maar. Je moet er immers niet aan denken dat deze oorlog als een dure maar succesvolle Snuff film de al overvolle Amerikaanse schappen haalt.

M.H.Benders