![]() 21-11-'01 |
|||
|
Reactie op recensie Volgens internetrecensent Danny Degenaar is mijn gedicht ' Een verontrustende droom' te herleiden tot de mededeling 'Toen mijn ouders stierven, kregen ze wel iets weg van oude bomen' en daarom een voorbeeld van overbodige poëzie: 'Het lijkt me juist een kenmerk van goede poëzie dat ze zich niet laat herleiden tot een dergelijke beknopte typering.' Los van de vraag of hij op die manier uit het gedicht haalt wat erin zit, kun je bijna elk gedicht, zo niet elk kunstwerk op die manier als overbodig bestempelen. De moeder de vrouw van Nijhoff? Danny: 'Een vent gaat ergens bij een brug in het gras liggen en denkt dat-ie z'n moeder hoort zingen.' Het gehele oeuvre van J.C.Bloem? 'Een andere vent denkt best vaak aan de dood en wordt daar een beetje somber van.' Romeo en Julia van Shakespeare? 'Nou, in de liefde is het soms tobben tot de dood erop volgt.' Begrijp me goed: wat mij betreft is alle kunst net zo overbodig als het leven zelf. De zin ervan maak je zelf. Maar een gedicht van mij is niet overbodig omdat Danny Degenaar het in een enkel zinnetje meent te kunnen samenvatten, evenmin als het opeens zinnig is wanneer hij dat niet kan.
Danny Degenaar heeft intelligente gedachten over poëzie en meestal weet hij die ook goed op te schrijven. Af en toe heeft hij last van stilistische absences: Slecht is nodig, al is het alleen maar omdat we wel eens zouden kunnen denken dat 'slecht' niet nodig is - het oude liedje van vraag en aanbod. Pardon? Dit is één: wie tien jaar dichter is, was de tien jaren daarvoor glazenwasser en zal het komende decennium als mimespeler door het leven gaan. waar hij het vandaan haalt weet ik niet, maar het klinkt uiterst relevant. Inhoud doet er niet toe in de zin dat er in de poëzie door de eeuwen heen geen gedicht bestaat met goede inhoud, maar matige stijl. Het vak 'ontleden' was waarschijnlijk te hoog gegrepen? Danny Degenaar schrijft: Als Heytze inderdaad het cultuurproduct is waar Komrij hem voor houdt, zal dat wel iets eigens aan de poëzie van Heytze moeten impliceren, of beter: aan de onderwerpen in die poëzie. Waarom zou het feit dat Komrij mij voor cultuurproduct verslijt zich moeten uiten in mijn onderwerpskeuze? Danny Degenaar heeft zojuist omstandig uitgelegd dat de inhoud van een gedicht er niet toe doet! (overigens, een mening die ik van harte onderschrijf). Hij probeert vervolgens iets te zeggen over verstaanbaarheid en orakelt: om alle verstaanbare poëzie maar meteen tot goede poëzie te bombarderen, gaat uiteraard een grondslag te ver. Hier valt Degenaar een stelling aan die niemand verdedigt. Zo kan ik ook een debat winnen. Triomfantelijk besluit hij met de mededeling Feitelijk is dit alles op te vatten als de zoveelste (indirecte) bevestiging van het merkwaardige gedachtegoed dat poëzie vooral moeilijk is. Wie zegt dat? Wie vindt dat? Breng hem hier, dan timmeren we hem samen in elkaar! Op dit punt in de recensie begint mij te dagen dat Degenaar recenseert zoals het Nederlands elftal voetbalt: hij geeft blijk van talent en inzicht, maar halverwege een mooie aanval besluit hij om rond te gaan spelen. Tenslotte schiet hij de bal nog in eigen doel ook, want verdomd als het niet waar is: op de valreep weet hij, smalend en wel, nog een acceptabel versje uit mijn turf te peuren. Hij slaat om als een blad aan boom, gat op zijn hurken zitten, knijpt in mijn wang en vervolgt: Met een aantal gedichten van dit niveau - en ze staan er heus - had Heytze een hele aardige, dunne bundel kunnen samenstellen. Waren we meteen van het gezwets rond 'verstaanbaar' af geweest. Wie zit hier, buiten Danny zelf, eigenlijk te ouwehoeren over verstaanbaarheid? Met polemische gaven van dat niveau kan een vrijetijdsdichter een heel aardig stel wandtegeltjes samenstellen. Heus. lees hier de reactie van Danny Degenaar
|