Grilligheid staat identificatie in de weg

Binnen de Joodse gemeenschap is Etty Hillesum een omstreden vrouw. Haar aanhangers bewonderen haar om haar gave letterlijk tot op het laatst, het goede in de mens en in het leven te zoeken; haar tegenstanders verwijten haar gebrek aan verzet en haar vrijwillige aanmelding voor deportatie naar Westerbork.
Met haar voorstelling laat Margreet Blanken zien dat je niet Joods hoeft te zijn om gefascineerd te raken door de dagboeken van de jonge Joodse Etty Hillesum. Het Joods zijn op zich is trouwens niet het thema in de voorstelling. Wel het zoeken naar God. Etty schrijft dat de meeste mensen God buiten zichzelf zoeken, terwijl zij steeds meer overtuigd raakt dat God binnenin haar is. 'Andere redden het tafelzilver, maar ik moet het Huis van God redden'. Hoe die uitspraak van Hillesum te rijmen is met haar vrijwillige deportatie, is mij een raadsel.

Blanken pretendeert niet Etty te zijn of uit te beelden. Ze staat daar steeds als actrice een spreekbuis te zijn. Zo laat Blanken anderen delen in de innerlijke strijd die Etty Hillesum decennia geleden neerschreef. Blanken brengt haar monoloog in kleding van nu. 'n Tafeltje van het theater zelf doet dienst als enig decorstuk. Rond die tafel speelt Blanken, soms zit ze erachter, een andere keer leunt ze ertegen of ijsbeert er voor langs. Het is duidelijk dat zij wil dat de tekst voor zichzelf spreekt. Maar voor mensen die, zoals ik, het dagboek niet gelezen hebben, is de voorstelling, zeker in het begin, niet erg helder. Het duurt lang vr ik een beetje een beeld krijg van de vrouw Etty Hillesum. Blanken begint met een fragment uit maart 1941. Het is dus oorlog, maar Etty heeft het vooral over haar vrouwzijn, over wel of niet met verschillende mannen slapen, over haar charmes. Het is duidelijk dat zij bevestiging zoekt bij mannen en daar gelijkertijd tegen vecht. In die fase komt de oorlog slechts met een zijdelingse opmerking aan bod, 'ik moet oppassen dat de haat tegen de Duitsers mijn eigen gemoed niet vergiftigt'.

Op een grillige manier volgen de dagboekfragmenten elkaar op. Als er een lijn in zit, dan is het Etty's onzekerheid, het onderzoeken van het vrouwzijn, haar seksualiteit, haar spiritualiteit, maar de grilligheid maakt het voor mij moeilijk me met haar te identificeren. In elk fragment is de schrijfster in een andere stemming. Pas heel langzaam ontstaat een beeld van een vrouw, die een constant gevecht met zichzelf voert en eigenlijk alleen maar wil 'zijn'. Etty Hillesum zoekt naar innerlijke vrede, terwijl de wereld om haar heen in brand staat. Met pure verwondering kijkt ze in het voorjaar van 1942 naar de bloeiende jasmijn. Terwijl steeds meer plaatsen voor Joden verboden worden, verheugt ze zich in de weidsheid van de hemel, die 'ze' haar nooit af kunnen nemen.

De voorstelling in Terneuzen verliep niet helemaal gladjes. Margreet Blanken speelt in haar voorstelling met stiltes. Met lange pauzes, waarin de spanning zich op zou moeten bouwen, waarin het gehoorde kan bezinken. Maar een half uur na aanvang had het publiek uit de grote zaal pauze en dat was in de kleine zaal duidelijk hoorbaar. Toen tot overmaat van ramp iemand van buitenaf de zaaldeur opende golfden de storende geluiden ng duidelijker de kleine zaal in. Bovendien waren de flyers die bij de voorstelling horen, niet aangekomen. Wellicht hadden een paar regels goedgekozen tekst vooraf, verhelderend kunnen werken voor de voorstelling als geheel.

Marjon Sarneel